Cognitieve gedragstherapie bij een negatief zelfbeeld door ADHD

Cognitieve gedragstherapie bij een negatief zelfbeeld door ADHD

Cognitieve gedragstherapie bij een negatief zelfbeeld door ADHD kan helpen om belemmerende gedachten te herkennen en stap voor stap te vervangen door een realistischer beeld van jezelf. Terugkerende kritiek, teleurstellingen of problemen in het dagelijks leven kunnen invloed hebben op hoe je jezelf beoordeelt. Met cognitieve gedragstherapie bij ADHD onderzoek je de samenhang tussen gedachten, gevoelens en gedrag. Lees hoe zulke patronen ontstaan en wat je tijdens een behandeling kunt leren.

Waarom heeft ADHD invloed op je zelfbeeld?

ADHD kan invloed hebben op aandacht, concentratie en impulsiviteit. Ook het organiseren van dagelijkse taken is soms lastig. Iemand vergeet daardoor bijvoorbeeld afspraken of heeft moeite met plannen. Soms begint diegene later aan een taak dan gewenst. Dit kan op school, thuis, in relaties of op het werk voor lastige situaties zorgen. Hoe sterk die invloed is, verschilt per persoon.

Soms keren vergelijkbare situaties steeds terug. Dan beïnvloeden ze het zelfbeeld. Een kind kan bijvoorbeeld regelmatig horen dat het beter moet opletten. Een jongere kan merken dat leren of huiswerk plannen meer moeite kost dan bij anderen. Een volwassene kan zichzelf verwijten dat taken blijven liggen, ondanks een duidelijke wens om ze af te ronden.

Na verloop van tijd verbind je deze ervaringen aan algemene gedachten over jezelf. Voorbeelden zijn:

  • Ik kan dit toch niet.
  • Ik ben niet goed genoeg.
  • Anderen vinden mij lastig.
  • Ik stel mensen steeds teleur.
  • Ik moet harder werken dan iedereen.

Deze gedachten beschrijven niet automatisch wie je bent. Ze ontstaan vaak door herhaalde ervaringen en reacties uit de omgeving. Ook de manier waarop je gebeurtenissen interpreteert, speelt een rol. Als ADHD pas laat wordt herkend, gebruikt iemand soms lange tijd verkeerde verklaringen voor problemen. Moeite met beginnen aan een taak ziet diegene dan bijvoorbeeld als luiheid, terwijl de situatie vaak ingewikkelder is.

Hoe ontstaat een negatief denkpatroon?

Een negatieve ervaring staat meestal niet op zichzelf. Je gedachten over een gebeurtenis beïnvloeden je gevoel. Ze sturen ook wat je daarna doet. Na een fout denkt iemand misschien geen talent te hebben. Die gedachte maakt diegene onzeker of somber. Daardoor stelt diegene een volgende taak uit of vermijdt deze. Dat versterkt het negatieve beeld verder.

Zo kan een terugkerend patroon ontstaan:

  • Er gebeurt iets dat spanning of teleurstelling oproept.
  • Er verschijnt snel een negatieve gedachte over jezelf.
  • Die gedachte roept gevoelens op, zoals onzekerheid of schaamte.
  • Je trekt je terug, stelt iets uit of probeert fouten koste wat kost te voorkomen.
  • De uitkomst lijkt de oorspronkelijke gedachte te bevestigen.

Bij een negatief zelfbeeld valt vooral op wat niet goed ging. Positieve informatie krijgt minder aandacht. Iemand schrijft een afgeronde taak soms toe aan geluk. Eén fout geldt dan als bewijs van persoonlijk tekortschieten. Het herkennen van deze selectieve aandacht is een belangrijk onderdeel van psychologische begeleiding.

Hoe werkt CGT aan zelfvertrouwen bij ADHD?

Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een vorm van psychologische behandeling. De therapie richt zich op de relatie tussen gedachten, emoties en gedrag. Samen met een psycholoog of orthopedagoog onderzoek je welke overtuigingen je belemmeren. Ook kijk je naar belemmerende gedragspatronen. Het doel is niet elke negatieve gedachte door een positieve uitspraak te vervangen. Je werkt juist aan gedachten die beter passen bij de situatie.

Tijdens gesprekken onderzoek je een gedachte als “ik doe alles fout”. Welke gebeurtenissen lijken deze gedachte te ondersteunen? Welke ervaringen passen er juist niet bij? En is er een genuanceerdere formulering mogelijk, zoals: “Plannen kost mij moeite, maar met passende structuur kan ik taken uitvoeren”?

De behandeling bestaat uit gesprekken, oefeningen en vaardigheidstraining. Daarbij kan aandacht zijn voor:

  • het opmerken van automatische negatieve gedachten;
  • het onderscheiden van feiten, aannames en harde zelfoordelen;
  • het formuleren van realistische en helpende gedachten;
  • het herkennen van gedrag dat onzekerheid in stand kan houden;
  • het zichtbaar maken van kleine stappen en positieve ervaringen;
  • het ontwikkelen van manieren om met dagelijkse uitdagingen om te gaan.

Je onderzoekt eerst waar een gedachte vandaan komt. Dat inzicht alleen is niet altijd voldoende om een patroon te veranderen. Daarom hoort oefenen ook bij CGT. Nieuw gedrag levert andere ervaringen op. Die ervaringen geven nieuwe informatie. Deze informatie past niet bij het oude, negatieve zelfbeeld.

Kun je anders naar jezelf leren kijken?

Je oefent met een andere manier van kijken. Het proces verschilt per persoon. Sommige overtuigingen ontwikkelen zich jarenlang. Ze veranderen meestal niet na één gesprek. Herhaling en praktische oefeningen ondersteunen een realistischer zelfbeeld. Aandacht voor dagelijkse situaties helpt daarbij.

Dat betekent niet dat je problemen ontkent. Moeite met concentreren, plannen of omgaan met druk kan blijven bestaan. Een praktische moeilijkheid zegt dan minder snel iets over jou als persoon. Dat is het verschil. “Deze taak lukt vandaag niet” is iets anders dan “ik kan niets”.

Een behandeling helpt je om onderscheid te maken tussen wat je doet en wat je lastig vindt. Dat staat los van wie je bent. De volgende stappen komen vaak terug:

  • Herkennen in welke situaties zelfkritiek ontstaat.
  • Opschrijven welke gedachte direct naar voren komt.
  • Onderzoeken of de gedachte volledig en feitelijk klopt.
  • Een evenwichtiger alternatief formuleren.
  • Oefenen met gedrag dat bij die nieuwe gedachte past.
  • Bespreken wat werkte en wat aanpassing nodig heeft.

Bij kinderen en jongeren past soms betrokkenheid van ouders. Ouders overleggen met de behandelaar. Samen beoordelen ze of de begeleiding nog aansluit bij het kind en de doelen. Ook bespreken zij kritiek en verwachtingen. Zo herkennen zij wanneer die onbedoeld druk op het zelfbeeld zetten. De leeftijd en situatie bepalen de precieze betrokkenheid. Ook de hulpvraag speelt mee.

Een behandeling die past bij jouw situatie

ADHD en een negatief zelfbeeld verschillen per persoon. De ene persoon heeft vooral last van uitstelgedrag en onzekerheid. Een ander piekert veel of is bang om fouten te maken. De behandelaar bespreekt daarom eerst de klachten en de dagelijkse situatie. Ook komt de gewenste verandering aan bod.

Een behandeltraject begint met een vrijblijvend kennismakingsgesprek. Daarna volgt een persoonlijke intake over je ontwikkeling en gezondheid. Ook je leefstijl en dagelijks functioneren komen aan bod. Op basis van de intake beoordeelt de behandelaar of cognitieve gedragstherapie past bij de hulpvraag. Lijkt een behandeling passend? Dan leggen jij en de behandelaar de doelen en werkwijze vast in een behandelplan.

De behandelaar bespreekt regelmatig hoe het gaat. Dit gebeurt tijdens het hele traject. De behandelaar stemt oefeningen en gesprekken af op jouw tempo en situatie. Sluiten onderdelen onvoldoende aan? Dan past de behandelaar de aanpak aan. Mogelijke opbrengsten zijn meer grip op gedachten en gedrag en minder zelfkritiek. Ook ontstaat soms meer vertrouwen bij dagelijkse uitdagingen. De resultaten en behandelduur verschillen per persoon.

Brein & Welzijn biedt persoonlijke psychologische begeleiding voor kinderen, jongeren en volwassenen. Tijdens een traject met cognitieve gedragstherapie bij ADHD onderzoek je welke gedachten jouw zelfbeeld beïnvloeden. Je kijkt ook naar overtuigingen en patronen. Een aanpak die aansluit bij jouw hulpvraag geeft meer inzicht en zelfregie. Zo ontstaat een realistischer kijk op jezelf. Plan een gratis kennismakingsgesprek. We bespreken rustig welke ondersteuning bij jouw situatie past.

Veel gestelde vragen

Cognitieve gedragstherapie (CGT) helpt je te herkennen hoe ADHD-gerelateerde ervaringen, zoals kritiek of mislukking, hebben geleid tot negatieve gedachten over jezelf. Samen met een behandelaar onderzoek je deze gedachten en vervang je ze door realistischere, helpende overtuigingen. Je oefent daarnaast met concreet gedrag, zoals plannen, uitstel verminderen, successen bijhouden en milder naar jezelf kijken. De behandeling is praktisch, doelgericht en afgestemd op jouw situatie en tempo.
Brein & Welzijn start met een kennismakingsgesprek en intake, waarin jouw klachten, mogelijke oorzaken, doelen, dagelijks functioneren, gezondheid en leefstijl worden besproken. Op basis daarvan wordt een persoonlijk behandelplan opgesteld en bepaald welke therapievorm of combinatie van behandelingen het beste aansluit. Tijdens het traject werkt de behandelaar in jouw tempo en wordt regelmatig geëvalueerd of de aanpak nog passend is. Waar nodig worden het behandelplan en de werkwijze bijgesteld.
Je leert negatieve automatische gedachten herkennen en onderzoeken: wat is feit en wat is aanname? Vervolgens oefen je met realistische, helpende gedachten, zelfcompassie en een vriendelijker zelfbeeld. Met korte opdrachten, gedragsexperimenten en een succes- of complimentenlijst maak je positieve ervaringen zichtbaar. Ook krijg je praktische strategieën voor plannen, organiseren, grenzen stellen en het verminderen van uitstelgedrag.
Er is geen vaste gemiddelde trajectduur voor volwassenen of jongeren. De duur en het aantal sessies worden afgestemd op de klachten, persoonlijke doelen, situatie en het tempo van de cliënt; een sessie duurt doorgaans 60 minuten.

Persoonlijke aanpak

Kindvriendelijke begeleiding

Multidisciplinair en ervaren team

Therapie op maat

Snel inzicht